De Advent een tijd van verwachting.

Zoals wij ieder jaar onze verjaardag of huwelijksdag vieren, zo vieren wij in de liturgie ook de belangrijkste heilsgebeurtenissen. Met het feest van Christus Koning, welke in 1925 door paus Pius XI werd ingesteld naar aanleiding van het 1600 jarige jubileum van het Concilie van Nicaea, sluiten we op 26 november het kerkelijk jaar af. Net zoals we met oud en nieuw weer aan een nieuw jaar beginnen, begint met de Advent het nieuwe liturgische jaar.

Maar waartoe dient het liturgische jaar? Het liturgisch jaar dient er niet voor om exact het leven van Jezus te herleven, maar het dient er wel voor dat ik ruimte maak voor Hem zodat Hij in mijn leven en in mijn tijd kan komen. De Deense filosoof Sören Kierkegaard zei eens: ‘Of we zijn tijdgenoten van Jezus, of we kunnen het beter laten.’ En juist door gelovig mee te gaan met het kerkelijk jaar worden we tijdgenoten van Jezus en komen we in de gelegenheid om Hem steeds beter te leren kennen.

In de Advent worden wij uitgenodigd om ons voor te bereiden op de komst van Jezus. Het woord advent komt van het Latijn adventus hetgeen komst betekent. Deze komst kan dubbel worden opgevat, allereerst in het Kerstfeest met de geboorte van Jezus en ten tweede de wederkomst van Jezus aan het einde der tijden.

Het zal vele van u niet onbekend voorkomen om het nieuwe jaar met goede voornemens te beginnen, misschien zouden we dat dit jaar ook kunnen doen met het nieuwe liturgische jaar. Ik wens ons allen dan ook een goede Advent toe waarin we gezamenlijk vol verwachting uit mogen zien naar de komst van de Heer en ons geloof mogen verrijken met nieuwe goede voornemens.

Remco Hoogma

 

 

 

Deel dit artikel