Kerstmis: licht in de duisternis

 

Tijdens het opruimen van mijn boekenkast, kwam ik laatst een aantal boeken tegen met kerstverhalen. Al bladerend dacht ik, wat zijn er toch veel kerstverhalen. Meestal gaan ze over arme mensen, die in de kilte van de Kerstnacht toch nog wat warmte ontvangen. Eén verhaal in die boeken trok mijn aandacht. Het ging over gevangenen in een concentratiekamp. Ze leefden in diepe duisternis. Ze hunkerden naar vrijheid, naar respect en liefde. Eén van de gevangenen koesterde een kostbaar bezit: een stompje kaars. Hij was al vaker in de verleiding gekomen om het op te eten. Hij had het echter uiteindelijk bewaard om het in zijn laatste Kerstnacht te ontsteken, te midden van zijn medegevangenen. Het was een klein teken van licht in de duisternis van hun leven; een teken van protest tegen alle gevoel van wanhoop.

 

Het kind van Bethlehem wordt geboren in de diepe duisternis van toen en nu. Toen was er geen plaats voor Hem bij de mensen. En de eerste kraamvisite bestond uit een paar herders, in die tijd het uitschot van de maatschappij. In het verhaal hebben de ouders nog een naam: Maria en Jozef. De naam van het kind wordt niet genoemd. De engel zegt echter wel aan, dat dit kind een redder is, een nieuwe David. Midden in de duisternis van overheersing, van zinloosheid, is dit kind een verwijzing naar de toekomst. In Hem wil God een nieuw begin maken met zijn mensen.

 

 

We kennen denk ik, allemaal wel de duisternis in ons leven. De een is teleurgesteld in de mensen, in de trouw van een partner, in de onzekerheid rondom de corona pandemie. Een ander voelt zich in het donker, omdat een kind onbereikbaar blijkt. Er is de duisternis van eenzaamheid, van onbeantwoorde liefde. Mensen kunnen teleurgesteld zijn in de kerk, in hun parochie of geloofsgemeenschap . En toch: als we samen Kerstmis vieren, dan zeggen we daarmee, dat we ten diepste geloven in een leven van delen, van liefde en van vergeven. Het is een oproep om te worden als het Kind van Bethlehem. Van ons worden geen heldendaden verwacht. Alleen misschien maar dat we mensen van vrede zijn; zoiets als een klein stompje kaars in een brandende nacht; een teken van protest tegen onrecht en onvrede.

 

‘Het volk dat ronddwaalt in het donker, ziet een helder licht. Over hen die wonen in een land vol duisternis gaat een stralend licht op.’ (Jesaja 9,1)

 

Mede namens collega Albert Buter wens  ik u allen een Zalig Kerstmis en een gezegend 2021 toe!

Pastor Bernard Buit

 

Deel dit artikel