Jesaja 25, 6-10a; Filippenzen 4, 12-14.19-20; Mattheus 22, 1-14
Inleiding
Welkom!
Ik denk dat we nauwelijks beseffen hoe vaak we in ons leven worden uitgenodigd voor iets: is het niet voor de griepprik of de coronaprik, dan is het voor een kop koffie bij de buren of een uurtje bijpraten met familie – dan spreken we nog niets eens over de dorpsactiviteiten, markten, verjaardagen én de kerk….
In het woord ‘uitnodiging’ vinden we het woord ‘nodig’ – anderen hebben ons nodig – om een feest te kunnen geven, om iets te kunnen delen, om familie of gemeenschap te kunnen zijn.
Dat is de diepe gedachte achter de lezingen vandaag…je bent nodig voor de ander – in de twee in elkaar geschoven gelijkenissen die we vandaag tegenkomen in het evangelie vinden we gastvrije kant van Gods bruiloft terug maar ook de kant dat niet zomaar leven en in en uit kunnen lopen bij God en bij elkaar… het leven vraagt iets van ons, de wereld vraagt iets van ons… het koninklijk van God, dit bruiloftsfeest waaraan we allemaal ooit hopen deel te nemen in Gods eeuwigheid, dat vraagt ook iets…
Laten we ons laten uitdagen en laten uitnodigen…. Reden genoeg om hier te zijn en een heel weekend, een hele week er weer tegen te kunnen. Ik wens u een mooie viering toe.
Overweging
Het komt soms allemaal langs in maar één enkele week van het jaar: STARTZONDAG afgelopen zondag – met deze overvolle kerk waar veel mensen, ook die niet van Pekela waren, op de uitnodiging ingingen om te komen vieren, te feesten op 12 ½ jaar Norbertus, om te komen zingen en mee te doen.
We namen ook met heel velen afscheid van een trouwe medewerkster in Sappemeer – en méér mensen dan we al dachten, waren samen rond de familie van iemand die plotseling en veel te jong gestorven is….
In meerdere gemeenschappen bogen we ons deze week over de welkomst-brief brief die we sturen naar nieuwe families die zich melden om lid te worden van de Kerk, omdat ze hier net wonen of aangesproken worden door het katholieke geloof.

Over ‘welkom’ gesproken…en dit zijn nog maar 7 dagen in dit gebied….
Dan spreken we nog niet eens over ’t overvolle Ter Apel… lang niet iedereen komt meer over de mat met welkom…
Laat staan als Jezus ons in het evangelie vertelt over dat nieuwe rijk van God en dat doet in beelden van een bruiloft waarop iedereen is uitgenodigd, want het rijk van God staat voor iedereen open. Wil je meedoen met die nieuwe wereld van samen delen, en broers en zussen zijn van elkaar, kinderen van dezelfde Vader, dan ben je uitgenodigd. Maar dan komt er iemand die er volgens het verhaal niet op gekleed is, geen bruiloftskleed draagt… is dat erg? Wat bedoelt de koning met een bruiloftskleed? Zou het kunnen zijn dat bedoeld wordt dat je, als je iets in wereld en Kerk wilt betekenen, je altijd met de Thora, met Gods wet van naastenliefde bekleed moet zijn? Dat je je iets aantrekt van God, bijna letterlijk, omdat die wet je leven richting geeft op weg naar de God en mensen? Dat je er niet zomaar met je pet naar kunt gooien? Dat het hele principe van zorg voor je naaste, liefde en gerechtigheid, je niet onverschillig laat? Nee, het is echt géén kwestie van de juiste kleding, de juiste bril, en zit je haar goed maar van daadwerkelijk en serieus mee willen doen. Welkom, altijd welkom!
Aan zijn leerlingen en ook aan ons stelt Jezus diezelfde vraag:
Doe je mee met mijn bruiloftsmaal, met het rijk van God?
Parochie-zijn in onze tijd vraagt iets van inzet, openheid voor de boodschap van Jezus Christus, van meewerken aan een nieuwe wereldorde. Vaak lukt dat heel goed, soms wat minder. Maar het gaat niet om grote SUCcessen, het zijn PROcessen, waarbij de profeet Jesaja, de 1e lezing, toevoegt dat de hand van God altijd zal rusten op de gemeenschap van bruiloftsgasten.
Jesaja schildert een prachtig en pakkend visioen. Ooit, als alles tot voltooiing komt, laat God zien dat het leven bedoeld is als een feest voor iedereen, ongeacht huidskleur of paspoort, ongeacht VOG, een maaltijd ‘voor alle volken.’ Niet Pekela first of Oost-Groningen first of NL-first… iedereen welkom op de berg Sion waar God aanwezig is als bron van leven en toekomst voor alle mensen op aarde.
Toch is een uitnodiging aanvaarden niet meer vanzelfsprekend: al weten we in ons achterhoofd dat ons geloof ons veel biedt, dan nog zijn we met velen die het welkom niet aanvaarden, die het vergeten of die te veel afspraken hebben, misschien ook denken niet nodig te hebben en er niet bij stilstaan dat ze ook nodig ZIJN. Daarom is de wending in het evangelie ook verrassend als Jezus zijn welkom uitbreidt naar ‘slechten zowel als goeden.’ Iedereen is welkom, ook zonder paspoort of VOG. God is grenzeloos goed, maar dit wil niet zeggen dat we met het evangelie álle kanten op kunnen. Gods goedheid gaat zó ver dat de koning het feest niet afgelast als de genodigden niet komen, maar zijn knechten er nog eens op uitstuurt en op de kruispunten van de wegen iedereen groeten en uitnodigen: en of iemand nu een slimmerik is, of een stille, of iemand Gronings spreekt of een andere taal, als we de begrijpen dat wijzelf in dit verhaal een hoofdrol innemen, dan realiseren we ons dat het licht van de wereld en het licht in de kerk alleen blijft branden als wij ons richten op God. Die man in slordige kledij deed dat niet, zo kwam hij in het duister en in Bijbelse taal is in duisternis geen plaats voor God.
Een uitnodiging is een vraag: en als er een vraag is, dan is er een antwoord nodig. God is gastheer en heeft ons nodig. WELKOM is de uitnodiging. En als ons “JA”, een “JA maar” is, is ‘nee’ gauw gezegd. Misschien denkt u: ik heb nu wel genoeg gedaan en genoeg gegeven, maar misschien is juist even dit uurtje hier zijn, al de bevestiging van dat Jawoord van ooit. Dat welkom van God is géén eenmalige uitnodigingskaart maar een toegang voor altijd, zelfs voor eeuwig. Blijven komen dus! Amen.
Pastor Nellie Hamersma
