OVERWEGING ALLERZIELEN Heilige Norbertusparochie 2026

INLEIDING ALLERZIELEN 2026

Het is herfst, de herfst van 2026. En herfst stemt melancholiek. Allerheiligen en Allerzielen vullen de sfeer in onze huizen en in onze kerken met weemoed. Er zijn veel mensen die we in gedachten roepen en voor wie we dankbaar zijn. Vaak laten ze een spoor na van liefdevolle menselijkheid en blijven ze leven in onze herinnering. Morgen/ vandaag/gisteren is/was het Allerheiligen: dan gaat het over de mensen die hebben laten zien dat leven als volgeling van Jezus echt mogelijk is en veel goeds oplevert, zij zijn voorbeelden, zij gingen ons voor.
Vandaag vieren wij hier Allerzielen: dan gaat het over mensen uit onze directe omgeving, mensen die we hebben gekend. We noemen het ‘vieren’ maar er is ook altijd droefheid op Allerzielen. We rouwen om geliefden die ons verlaten hebben. We komen tot stilte en wereldwijd treuren we met ontelbare medemensen om dierbaren die we moeten missen.

Natuurlijk weten we het: een mens moet nu eenmaal sterven. Het kan niet anders. Het is gang van de natuur. Alles wat geboren wordt moet vergaan, terugkeren naar de grond waaruit we geboren zijn. Daarom passen bloemen vandaag zo goed, als uiting van leven dat prachtig is, maar wel overgaat…

Er is veel dood – geen journaal of krant zónder…

Soms verzuchten we het wel eens: In welke wereld leven wij?

Zijn wij wel kinderen van God? Wat is de waarde van één mensenleven?

Toch is deze dag, Allerzielen, geen dag van cynisme en egoïsme: integendeel: Het is juist een dag van de liefde…

Vandaag voelen we meer dan ooit wat liefde in ons leven betekent.

Daarom: welkom u allen, heel hartelijk welkom. Misschien vond u het heel lastig om hier te komen, was de drempel hoog, de herinneringen pijnlijk… Toch, als we iets willen geloven van die soms onbegrijpelijke God, dan is het dat voor God elke mens telt – en dat we kunnen dromen van een hemels paradijs – een land van licht en liefde …en die droom is niet voorbij… altijd opnieuw proberen we te geloven en te accepteren dat ons aardse leven overgaat in het hemelse…hoezeer we dat ook willen tegenhouden en hoe zeer het ons ook pijn doet.

We namen afscheid van lieve, geliefde mensen, maar hun namen houden we vast. Hun levenslicht doofde maar wij houden het licht voor hen brandend. We noemen hier de namen van hen wie we sinds oktober vorig jaar afscheid namen en we ontsteken licht voor hen.

Wij wensen u sterkte toe en een goed samenzijn in deze kerk.

 

2e deel: Zeker willen we vandaag de ontelbaren niet vergeten die omkwamen in oorlogen: zo zinloos zijn ze gestorven… witte kruisjes op oorlogskerkhoven bezorgen ons koude rillingen… Maar ook: Mensen die omkwamen van honger, in verkeersongelukken, bij een treinramp of een storm, bij schiet- en steekpartijen, bij geweld door verwarde, onbegrepen, mensen, maar ook bij bedrijfsongevallen, medische fouten: allemaal onnodig… zo lastig om daarmee te dealen

 

OVERWEGING ALLERZIELEN Heilige Norbertusparochie 2026

Jesaja 25,6a.7-9; Romeinen 5, 5-11; Mattheüs 11,25-30

Één week… Een surfer die niet meer gevonden wordt – Een jonge vrouw omgebracht en gevonden – Slachtoffers van raketten en droneaanvallen – De treinramp in Spanje

Een jonge agrariër uit Beerta, geëmigreerd naar Canada, bij de silo tijdens de maisoogst omgekomen, vader van 4 jonge kinderen….   Eén week in de wereld van 2026

 

Dood is er altijd: ’t doet denken aan een schaar… alsof er levens afgeknipt zijn, een band doorgeknipt, er een knip in mijn leven is gekomen die niet meer gelijmd, geplakt, hersteld kan…. Zo voelt het voor velen van ons, zeker als het afscheid onverwacht was, te vroeg, te jong, als het kwam vóór we konden zeggen wat we wilden zeggen – voor we ons konden realiseren wat het echt betekent als je iemand niet meer ziet, nooit, afscheid voorgoed. We schrijven Allerzielen 2026.

Als wij spreken of denken over de dood in ons leven, gaat er vaak een schok door ons heen, een steek door ons hart, een pijnscheut door onze maag, een beeld, een herinnering in ons hoofd aan iemand… pijn. Ook als het om een oude ouder gaat, soms voelen we de pijn bijna fysiek omdat dood ons ráákt, ons leven verandert. Natuurlijk, iedereen neemt ooit afscheid.

Je hebt er beelden van in je hoofd die je niet kunt wegknippen. Misschien had u ook nog dat beeld van het jongetje uit Gaza dat bij het uitdelen van levensmiddelen zijn moeder verloor, nog op ons netvlies. Of een zo lang verwacht kindje dat in de 8e maand zwangerschap levenloos ter wereld komt… O zo vaak denk je dan: Waarom? Wie hanteert die schaar?

Zoals ooit de navelstreng wordt doorgeknipt bij ‘n geboorte, zo lijkt het soms alsof ook bij het einde van een leven iemand de schaar hanteert…

Waarom moet dit gebeuren, waarom dat gezin, waarom ons kind, waarom onze moeder, waarom deze jonge vader? … Dat houdt ons bezig.

En ik moet u meteen uit de droom helpen: de lezingen vandaag geven géén antwoord op al onze vragen.

Wat de profeet Jesaja ons wel biedt is “troost”. “Hij zal de tranen van alle gezichten afwissen”. Misschien helpt dat een beetje wanneer rouw ons dreigt te overmannen. Jesaja bergt de schaar op en zet het leven hierna in een groter perspectief: de dood zal niet meer zijn, voorgoed. De toekomst zal een groot gastmaal zijn: De maaltijd op de berg zal ons samenbrengen met onze geliefden die ons voorgingen. Het is een verlangen naar het hiernamaals, dat ouderen of zieken vaak uitspraken voor ze naar de hemel gingen. Dit troost, een troost die gegrond is in hoop, zoals Jesaja zegt. Dood is dus een overgang, een weg uit het donker naar het licht.

Nee, dat is nog geen antwoord op ons ‘waarom’ maar het is wel een weg om te gaan… Immers, de dood zou een nog veel grotere wond veroorzaken, als er geen perspectief was, als je niet het gevoel had dat degene van wie je afscheid nam, voor niets zou hebben geleefd… voor niets was geboren…

En wat zou de pijn van die knip nog veel groter zijn, als er geen woorden waren die helpen om met de dood van de ander te leven.

Wat ons zo ráákt aan de dood, is dat ‘t altijd mensen zijn van wie gehouden is – zelfs als wij hen niet hebben gekend, zelfs dat kindje in Gaza op grote afstand … mensen om van te houden – en liefde doet pijn. Ieder die een geliefde verloor, weet dat dit een scheur in je leven veroorzaakt: er was een tijd mét die ander, al die jaren, en er is de tijd erna zónder die ander…

Daarom klinken de liefdevolle woorden van Jezus in het evangelie ook verzachtend: “Komt tot Mij, allen die zwoegt en onder lasten gebukt gaat, en Ik zal u rust schenken.” Alsof Jezus begrijpt wat het met ons doet. In die woorden ligt ook hoop voor onze overledenen: dat zij bij God rust mogen vinden: rust, niet gewoon als einde van alle moeite, maar als vervulling van een mensenleven daar in die eeuwigheid, in dat land van licht en vrede, in die hemel, die overkant, waar we niet kunnen komen en niet kunnen kijken. Nee, wij weten niet wat ons voorbij de dood te wachten staat. Maar wat hopen we dat wij hen eens zullen terugzien in Gods Koninkrijk van vrede.

De ingewikkelde woorden van Paulus in de Romeinenbrief helpen en troosten maar een beetje. Die belofte van de een hemels paradijs willen we graag vasthouden, maar wat zouden we graag onze wereld hier en nu al, met zoveel dood, omtoveren in een paradijs. Hopelijk ervaren we daarin de uitdaging om ook hier en nu in liefde en verbondenheid te leven, solidair te zijn met wie door dood getroffen zijn… ons hart open te houden voor wat er gebeurt om ons heen, mee te leven met wie het zwaar hebben en misschien ook het kwaad en het oordeel weg te knippen uit onze gedachten.

Allerzielen is een bijzondere dag.

Onze hele eigen levensgeschiedenis trilt weer even mee, – een geschiedenis geleefd door grootouders, ouders, soms oud gestorven, anderen heel jong. Sommigen na een lang lijden, anderen zijn plotseling heengegaan. We denken aan de lessen die zij ons gaven, aan hun werk en woorden, hun vreugdes, hun verdriet, hun idealen en hun teleurstellingen – wat realiseren we ons goed dat we uiteindelijk geschapen zijn om elkaar vast te houden en met elkaar te praten. Zij lijken weggeknipt uit ons leven maar niet heus.

Op onze beeldschermen komen veel mensen voorbij die in de wereld ogenschijnlijk de belangrijksten zijn, maar wij weten beter: De echte belangrijke mensen zijn de mensen van dichtbij, de mensen die wij hebben gekend, die ons vormden en met wie we in liefde leefden. Zij zijn onze heiligen, onze geliefden. Zij zijn gestorven – mensen sterven, maar liefde sterft niet. Liefde blijft. Mag dat ons troosten. Amen.

Pastor Nellie Hamersma