Jesaja 42, 1-4-6-7; Handelingen 10, 34-38; Mattheüs 3, 13-17 Ipad
Het is al heel gewoon aan het worden, maar het zal zeker nóg wel meer een vlucht nemen: de zelfbediening, de selfservice in alles wat wij in ons leven nodig hebben. Zijn inmiddels pompstations met zelfbediening al in de meerderheid, de selfservice -kassa’s in supermarkten ook, het in- en uitchecken bij trein en bus tot de selfservice-balies op Schiphol (als tenminste alles vliegt en rijdt) – er wordt al nagedacht over pakketpunten waar je zelf je pakketten kunt versturen en dan spreken we al niet eens meer over hoe mensen via hun Ipad/tablet de verwarming in huis regelen, de luxaflex, gordijnen, verlichting, de garagedeur, het tuinhek en nog veel meer… één vingerbeweging en we zijn er. We hebben weinig servicebalies meer nodig, alleen als er iets misgaat, zoals we dat deze week in de verkeers- en vervoerswereld zagen. Maar we zijn wel heel ‘selfsupporting’ geworden (om t maar eens in goed Nederlands te zeggen). Alles gaat met één druk op de knop, met ‘touch-screens’ en met onze apparaatjes kunnen we bijna de wereld naar onze hand zetten. Bijna! Bijna!
Nee, we kunnen niet meer goed zónder, dat klopt, alles is erop ingesteld, maar… hoe kan het toch dat we niet met één knop oorlogen stil kunnen leggen? Of: ons geloof kunnen activeren? De mentaliteit van mensen kunnen aanpassen? En misschien dan meteen ook maar even het wéér regelen?
Als we dit weekend het feest vieren van de Doop van de Heer, tevens de laatste ‘witte’ zondag in de kersttijd, realiseren we ons goed dat ons ‘doopsel’ geen selfservice is: je kunt als volwassene wel ervoor kiezen om gedoopt te worden, maar je kunt het niet zelf dóén. Als iets duidelijk wordt over ons doopsel is het wel dat je dus niet zelf op het knopje ‘water’ kunt drukken, maar dat we door ons ‘gedoopt-zijn’ wel over de knoppen kunnen gaan, sterker nog: in ons Doopsel schuilt een heel programma. En zelfs toen het doopsel nog niet bestond, in de tijd van Jesaja, de eerste lezing, gold dat: dienaar-van-de-Heer-zijn (‘knecht-zijn’ staat er eigenlijk, maar dat woord heeft in onze tijd de betekenis ‘slaaf’ en ‘tot slaaf gemaakte’ gekregen, dus dat gebruiken we niet meer) betekent eerst en voor alles: God dienen door de medemens van dienst te zijn. En ‘dienstbaarheid’ is niet alleen een Bijbels woord, het is ook een ‘actueel’ woord geworden: immers, als je in dienst van God de knoppen mag bedienen, staat op ‘t program gerechtigheid doen, opkomen voor mensen, instaan voor mensen, zodat zij tot hun recht komen. Geen geschreeuw of stemverheffing, maar met respect en met volharding. De profeet laat ons zien dat je met dienstbaarheid veel betekenen kunt in het leven van mensen: blinden zullen weer zien, gevangenen zullen worden bevrijd. God vraagt ons – in zijn dienst – om een licht te zijn voor alle volken: ongeacht leeftijd, huidskleur, geaardheid, opleiding of afkomst.
In het Evangelie lezen we over Jezus’ doop in de Jordaan: het lijkt hier of de God de selfservice van ons overneemt: In Jezus’ doop komen de Bijbelverhalen samen: Alsof God met ons even terugkeek naar de geschiedenis: het water van de schepping, het water van de ark van Noach, de golven van de Rode Zee bij de uittocht uit de slavernij van Egypte, Jona gered uit de walvis, en zoveel meer.
Ook hier speelt dienstbaarheid een rol: Jezus kwam naar de Jordaan om de doop te ontvangen, maar Johannes vond het niet gepast dat Jezus de doop zou ondergaan, alsof Jezus dan als zondaar met God en mensen in het reine moest komen, immers: het is een doopsel tot vergeving van zonden. Maar Jezus zet dóór: De stem uit de hemel die klonk bij Jezus’ doop: ‘jij bent mijn geliefd kind’ klinkt dóór, ook voor ons als gedoopte christenen.
Dit evangelie gaat niet alleen over Jezus, maar ook over ons, Dat betekent niet dat we als gedoopten opeens perfect zijn en altijd alles goed doen, maar omdat God een liefhebbende Vader is. En vanuit zijn liefde worden we geroepen om licht te zijn, om recht te doen, om vrede te brengen. Om ons aan Jezus te spiegelen. En dat is precies de ‘selfservice’ die ons is toevertrouwd…
Dat precies is de zending die ook wij kregen bij onze doop: dat we niet voor onszelf leven, maar voor God en medemensen. We weten dat dit niet altijd gemakkelijk is, zeker niet in onze tijd met oorlogen, polarisatie, haat en onverschilligheid. De knoppen werken niet altijd zoals wij willen.
Soms lijkt de hemel gesloten en horen we Gods stem niet meer. Maar juist dan zegt Hij: ‘jij blijft mijn geliefde kind. Niet omdat alles je lukt, maar omdat Ik, God, trouw ben.’
Het feest van het Doopsel van Jezus nodigt ons uit om stil te staan bij onze eigen doopbelofte. Leven wij als gedoopte mensen? Durven wij vertrouwen op Gods Geest die ons onszelf laat redden en de juiste knoppen wijst? Laten we bidden dat die stem uit de hemel in ons hart blijft klinken: ‘jij bent mijn geliefde, in jou vind Ik vreugde.’ Amen.
Pastor Nellie Hamersma
