OVERWEGING DRIEKONINGEN  3 en 4 januari 2026

 

Jesaja 60, 1-6; Efeziërs 3,2-3a.5-6; Mattheüs 2, 1-12   sprookjesboekje

Als u de afgelopen weken ook wat kerstkaarten hebt verstuurd (misschien hebt u ze niet verstuurd, het digitaal gedaan of misschien juist heel veel), dan hebt U ongetwijfeld ook dit boekje erbij gekregen. Een sprookjesboekje.

Al lang geleden heb ik me voorgenomen om, als ik ooit met pensioen ben, dat ik dan alle sprookjes uit mijn jeugd weer eens wil herlezen.

Sprookjes die – stuk voor stuk – ons iets te zeggen hebben, en daarom soms ook al eeuwen hebben overleefd, in alle tijden meegaan.

Ik moet zeggen dat het evangelie van Driekoningen, dat alleen maar door de evangelist Mattheüs is opgetekend, lijkt ook een beetje sprookjesachtig.

Vonden we het ezeltje van Maria in het kerstverhaal al spannend en romantisch, rondom de kamelen van de drie wijzen uit het Oosten, hangt ook een zweem van sprookjessfeer en van ‘hoe loopt dit af?’. En al gaan we ervan uit dat uiteindelijk die wijzen ‘nog lang en gelukkig leefden’, (om het maar in sprookjestaal te zeggen) we zijn toch altijd onder de indruk van wie zij waren en hoe zij het hebben aangepakt. Veel focus ligt op hun cadeaus, de geschenken: goud, wierook en mirre -we kunnen ze altijd zó opnoemen, anders dan hun namen die in ons Bijbelverhaal niet staan genoemd. Caspar, Melchior, Balthasar, namen die pas in de Middeleeuwen zijn aangevuld. Maar anders dan gedacht gaat het niet eens zozeer om ‘wie’ waren ze, het gaat vooral om ‘waarheen’? Hoe vind je de weg en de bestemming die je zoekt? En hoe houd je de ster in de gaten, het licht van God?

Ik las deze dagen weer eens opnieuw het sprookje van Hans en Grietje… ik was alweer stukjes kwijt van het verhaal… de steentjes, later de broodkruimels, u kent het vast…. En ik dacht aan de 122 miljoen vluchtelingen die op dit moment ergens door de wereld een weg, een bestemming, een huis zoeken… maar nog veel méér mensen, zo merkten we wel in de Nieuwjaarsnacht, zijn überhaupt de weg kwijt in hun leven: ze belagen hulpverleners, steken sporthallen, huizen, auto’s in brand, gewoon omdat ze geen idee hebben waar ze heen moeten met hun leven, hun vrije tijd, hun agressie of frustratie, hun energie.

Als je dat doet, ben je toch de weg kwijt of snap ik het allemaal niet?

Hoe vind je de weg door het leven? In dit nieuwe jaar 2026? De weg naar de toekomst… Hebben we daar misschien sprookjes voor nodig als leerzame volksvertellingen om na te denken over onze eigen levensrichting?

Er wordt in onze tijd door leerlingen en studenten veel van school of van studierichting veranderd, van baan, van bank, van zorgverzekering, van energieleverancier, van kerk, ja zelfs van levenspartner. Natuurlijk kun je op een verkeerde plaats terechtkomen, op een route die je niet zocht. Maar waardoor laat je je leiden? Het sprookjesachtige verhaal van de Drie Wijzen, komt heel dicht bij onze eigen realiteit. Het zou normaal geweest zijn dat ze de pasgeboren koning van de Joden in de hoofdstad van zijn rijk zoeken, want de hoofdstad is toch de stad waar koningen wonen. Maar deze keer is dat niet zo. Die koning is niet geboren in Jeruzalem, maar in Bethlehem, een dorpje zo’n 10 kilometer van Jeruzalem. Maar eigenlijk hebben de Wijzen zich vergist omdat ze de ster niet meer zagen. De ster: het licht van God. Alleen als ze dat licht volgen, kunnen ze de juiste weg vinden. We hoorden Jesaja hierover, in de 1e lezing. Jeruzalem komt na een hele tijd van onvrede en ongerechtigheid, weer in het licht van God, en wordt tot een lichtbaken waar koningen en volkeren hun koers op kunnen afstemmen. En dat doen ze: over land en zee, uit alle windstreken komen kamelen uit met goud, wierook, met offerdieren, met zilver en nog veel meer. Een bonte verzameling van mensen, die allen voortgekomen zijn uit Abrahams nakomelingen…. Het evangelieverhaal vandaag is op dit feit gebaseerd: als u de traditionele wijzen in de stal hebt, dan ziet u: ze zijn van alle leeftijden, oud, jong, middelbaar, ze komen uit het oosten, uit Azië, uit het zuiden, Afrika, uit Europa, de toen bekende werelddelen; de geschenken tonen de betekenis van het kind: goud staat voor zijn koningschap, wierook voor zijn God-zijn, de mirre vanwege zijn ‘mens-zijn’.

De vraag dit 1e van het jaar is: Voelen wij ons verwant met de Wijzen en zijn wij op zoek naar licht, naar God? Laten wij ons leiden door Gods licht dat ons leidt naar een wereld van liefde, vrede en gerechtigheid? Of maken we er een eigen sprookje van door onszelf tot ‘ster’ te verklaren, door ons eigenbelang en ons eigen gemak te volgen met als gevolg dat we moedeloos zijn, onzeker, angstig, verveeld? Wereldwijd merken we – Venezuela – dat er nog volop Herodessen zijn, die de macht naar zich toetrekken, zichzelf geweldig vinden en Gods ster zijn kwijtgeraakt: geen vertrouwen meer, geen houvast om je door te laten leiden. Dan maar vuurwerk, vernieling en stilstand. De kindermoord van Bethlehem, zowel in Mozes’ tijd als in de tijd van Herodes, is jammer genoeg niet voorbij. Daarom is het hele driekoningen-verhaal dus ook geen sprookje. Maar goddank worden we ook in 2026 aan alle kanten door sterren en engelen begeleid en aangesproken, de weg gewezen… Zoveel mensen zijn ook vandaag de dag wèl onderweg om met dat licht van God de vrede te herstellen, hulp te verlenen, om met veel liefde mensen nabij te zijn…. Sprookjes zijn voor en van nu: ze melden ons dat, als onze steentjes en broodkruimels wèg zijn of óp zijn, zoals bij Hans en Grietje, dat er altijd weer een nieuwe ster aan het firmament is die ons helpt de weg te vinden: Gods licht over ons, bij onze zoektocht door het leven. Laat het zo zijn. Amen.