‘Een buurtpleintje in de avondzon. Kornuiten slenteren rond, gooien vuurwerk in een container op een oprit, rennen weg. Een knal en de eigenaar stormt naar buiten, op het moment dat Jochem, niets vermoedend, voorbijfietst. Hij wordt in de kraag gevat. “Hier kom je niet mee weg, jong. Boeten zal je en die fiets blijft zolang hier!” In het speeltuintje verderop zien kinderen toe hoe iemand er pesterig zijn hond uit laat en en passant een speeltoestel vernielt. Ze lopen bedroefd weg, evenals Jochem.
De wereld is een schouwtoneel’, schreef Joost van den Vondel eeuwen geleden. “Elk speelt zijn rol …’. Een buurman wil geen trammelant, houdt zich erbuiten. Een buurvrouw stapt op de man af en legt uit dat hij de verkeerde te pakken heeft. Hij is er niet van gediend. Waar bemoeit ze zich mee? Een derde pakt gereedschap, ruimt de rommel op en herstelt het speeltoestel.
Op het wereldtoneel veroorzaken oorlogen, conflicten, menselijk falen en natuurrampen immens leed. Het negatieve overschaduwt het positieve, lijkt het. Er wordt meer drama dan blijspel opgevoerd,
Elk speelt zijn rol. Veroorzakers lopen zelfvoldaan weg van hun verantwoordelijkheden, de benadeelden met gebakken peren achterlatend. Die ontvluchten de onheilsplek of reageren zich af op een zondebok. De buurman laat het gebeuren zoals landen en instanties op het wereldtoneel misstanden afdoen als binnenlandse aangelegenheden. De vrouw is als profetische figuren en instanties die zich laten horen als onrecht geschiedt, die opkomen voor rechtvaardigheid. Leed gaat hen niet in koude kleren zitten. Vaak krijgen zij de wind van voren. De man met de schop is van aanpakken, zoals hulporganisaties, reddingsmaatschappijen, caritas instellingen, kloostergemeenschappen, mantelzorgers en al die vrijwilligers die onbaatzuchtig steeds weer klaar staan voor een medemens, een vereniging of instelling.
Zij willen niet dat het verhaal negatief eindigt.
Elk speelt zijn rol… De een vult haar positief in, de ander negatief. Een grote groep, de ‘stille meerderheid’ zit daar ergens tussen in. Ligt de sleutel bij hen, die afstand houden, geen vingers willen branden en doorgaans geen vlieg kwaad doen?
De mensheid kan toe met minder drama en meer blijspel. ‘Op een gegeven moment heb je de kracht om te zeggen ‘zo zal het verhaal niet aflopen’ (Christine Mason Miller). Maar hoe laat je de balans door slaan naar het positieve? Stel dat bij die stille meerderheid het alarm af gaat, dat zij ‘geen vlieg kwaad doen’ ombuigt naar ‘een medemens goed doen’, toekijken ombuigt naar medemenselijkheid, naast ik-belang ruimte laat voor collectief wij-belang? Stimuleert dit niet een meer gewenste afloop op het plein- en het wereldtoneel? Opkomen voor mensen in nood, omzien naar wie het niet redt, helen wat gebroken is voert wat meer blijspel op de planken van het schouwtoneel. De mensheid is er wel aan toe. In het Nieuwe Testament heet dit je vizier richten op een ‘Nieuwe Aarde!’ de gewenste stip aan de horizon. ‘Als we de goede kant op kijken’, luidt een Boeddhistisch gezegde ‘hoeven we alleen maar te blijven lopen ,,, ’
Toine Streppel
